Hoger Beroep Tegen Faillissement: zo Werkt dat

Door Harjo Bakker
hoger beroep faillissement

Als u in hoger beroep gaat bij een faillissement, dan moet de rechter beoordelen of er op dat moment een faillissementssituatie is. Dus als u schuldeisers bent kwijtgeraakt, heeft u een goede kans van slagen.

In een recente zaak was een B.V. failliet verklaard en had de B.V. hiertegen hoger beroep aangetekend. Bij het hof voerde de B.V. aan dat er geen faillissementssituatie meer bestond, omdat in de tussentijd alle steunvorderingen (andere vorderingen naast die van de aanvrager) door derden waren betaald dan wel kwijtgescholden. Daarmee bestond er geen faillissementssituatie meer, omdat daarvan slechts sprake is als meerdere schuldeisers onbetaald blijven.

Maar het Gerechtshof hield het faillissement in hoger beroep toch in stand.

Het Hof besloot over het hoger beroep bij faillissement:

  1. Dat bij de beoordeling van een hoger beroep tegen een faillietverklaring in beginsel moet worden uitgegaan van meerdere schuldeisers, tenzij het tegendeel aannemelijk is gemaakt;
  2. Dat het betalen van steunvorderingen, al dan niet door derden, een ontoelaatbare doorbreking is van de gelijkheid van crediteuren;
  3. Dat in een eenmaal uitgesproken faillissement uitgegaan dient te worden van het bestaan van – mogelijk nog onbekende – schulden, tenzij het tegendeel aannemelijk kan worden gemaakt; dit terwijl de B.V. in staat van faillissement is en geen zeggenschap meer heeft over haar eigen vermogen.

De Hoge Raad beslist anders over hoger beroep bij faillissement:

  1. Bij een hoger beroep moet een hof bekijken en onderzoeken of er op dat moment een faillissementssituatie is. Een hof mag er dus niet op voorhand van uit gaan dat er meerdere schuldeisers zijn. De Hoge Raad overweegt: “Bij zijn beslissing daarover [over de faillietverklaring] dient hij [het hof] uit te gaan van de toestand ten tijde van zijn uitspraak en moet hij dus de op dat moment bestaande omstandigheden in aanmerking nemen. Aldus kan hij komen te staan voor de door hem opnieuw – maar dan naar dat tijdstip – te beantwoorden vraag of wordt voldaan aan het vereiste van pluraliteit van schuldeisers.”
  2. Het betalen van steunvorderingen door derden hangende een faillissementsprocedure is in beginsel toelaatbaar en levert geen doorbreking op van de gelijkheid van schuldeisers. De Hoge Raad overweegt: “Het staat derden in beginsel vrij hangende een procedure tot faillietverklaring steunvorderingen te voldoen. Dat levert geen doorbreking op van de paritas creditorum, ook niet indien de vordering van de aanvrager van het faillissement onbetaald blijft of daarvoor geen zekerheid wordt gesteld.
  3. Indien het hof aanleiding heeft om te denken dat er door een failliet leningen zijn aangegaan, moet het hof dit onderzoeken. Het hof mag dit niet zo maar aannemen.

Met de uitgangspunten die het hof hanteerde, zou een hoger beroep tegen een faillissement een stuk lastiger zijn geworden. De Hoge Raad schept duidelijkheid en houdt vast aan zijn eerdere uitspraken.

Algemene termijnen voor hoger beroep bij faillissement

De algemene regel is dat u acht dagen de tijd heeft in hoger beroep te komen, wanneer u het oneens bent met de faillietverklaring. Altans, dat geldt als u zelf aanwezig was bij de mondelinge behandeling van het faillissementsverzoek. Bent u niet bij de mondelinge behandeling verschenen, dan is de kans groot dat uw faillissement bij verstek is uitgesproken. Dan heeft de rechter niet inhoudelijk naar de zaak gekeken, maar wordt wel het faillissement uitgesproken. In dat geval heeft u veertien dagen de tijd om in verzet te komen van het faillissementsvonnis.

Termijnen hoger beroep bij faillissement zijn fataal

Let op: deze termijnen zijn fataal. Bij overschrijding kunt u niet meer in hoger beroep het faillissement aanvechten.

Harjo Bakker

Over de auteur

Harjo Bakker is advocaat insolventierecht bij RWV Advocaten, en wordt regelmatig benoemd tot curator en bewindvoerder in middelgrote ondernemingen.