Hoe Werkt Bescherming van Design via Modelregistratie en wat Zijn de Kosten?

Door Marjolein Driessen
modelregistratie

Modelregistratie is voor designers een goede keuze om hun ontwerpen te beschermen. Hoe gaat de modelregistratie in zijn werk? En wat zijn de kosten?

Modelbescherming Benelux

Voor Nederlandse bedrijven die hun producten niet internationaal verkopen, is vooral van belang dat bescherming in Nederland, en eventueel net daarbuiten, goed geregeld is. Maar: Nederlandse modelregistraties bestaan niet.

Marjolein Driessen“Modelregistratie biedt grote voordelen ten opzichte van andere intellectuele eigendomsrechten, zoals het auteurs- of merkenrecht. Wat een model is en wat de voordelen zijn van modelregistratie lees je in dit artikel.”

De regels die gelden voor bescherming van modellen in Nederland, staan in een verdrag dat geldt voor de hele Benelux: Nederland, België en Luxemburg dus. Bedrijven kunnen hun design als Beneluxmodel beschermen door een aanvraag te doen bij het Benelux-Bureau voor de Intellectuele Eigendom (BBIE – Den Haag). De beschermingsduur van een Benelux modelregistratie is vijf jaar waarbij je vier keer de mogelijkheid hebt om de registratie te verlengen. In totaal dus 25 jaar bescherming tegen inbreukmakers.

Europese Modelregistratie: kosten

Een andere en belangrijkere mogelijkheid voor Nederlandse bedrijven om hun design te beschermen, is via een EU-modelregistratie. Dat wordt aangevraagd bij het ‘EUIPO’ (Alicante, Spanje), het EU-bureau dat de EU-merken en -modellen inschrijft.

Het grote voordeel van een EU-model ten opzichte van een Beneluxmodel is dat je in een keer bescherming krijgt in alle EU-landen, terwijl de kosten relatief beperkt zijn (gemiddeld tegen de € 1.000 tegenover ongeveer € 500 voor een Beneluxmodel, als je de registratie laat verzorgen door een specialist, hetgeen aan te raden is; zie het slot van dit artikel). De maximale beschermingsduur van een EU-model is ook 25 jaar.

Als je als bedrijf ambities hebt die net iets verder reiken dan onze landsgrenzen, ook als uitbreiding naar het buitenland pas zal spelen op de langere termijn, is het dus aan te raden direct voor een EU-modelregistratie te kiezen. Als je vindt dat er inbreuk wordt gemaakt, kan de rechter in één land op basis van de EU-modelregistratie concurrenten een verbod opleggen dat geldt voor álle EU-landen. Bij een Beneluxmodel kun je slechts een verbod krijgen voor de drie Beneluxlanden.

Niet geregistreerd, toch modelbescherming

Een geregistreerd modelrecht is niet de enige manier om design als model te beschermen. Gedurende de eerste drie jaar nadat een ontwerp openbaar is gemaakt, is het namelijk automatisch beschermd als ‘ongeregistreerd EU-model’. Een ongeregistreerd EU-modelrecht ontstaat dus direct na openbaarmaking zonder dat je het hoeft te registreren.

Hiermee is het alleen mogelijk om exacte kopieën van het design te verbieden. In branches waar de omloopsnelheid van producten hoog is, zoals de fashion industrie, kan zo’n ongeregistreerd modelrecht uitkomst bieden: wel beschermd tegen echte kopieën, maar niet de kosten van een registratie.

Voor andere branches is het niet aan te raden te vertrouwen op de bescherming als ongeregistreerd EU-model. De beschermingsomvang is een stuk minder groot dan bij een geregistreerd model en het is veel lastiger te bewijzen dat je modelrechten hebt, omdat je geen registratiecertificaat krijgt.

Vereisten voor bescherming van design als model

Het BBIE en het EUIPO controleren niet of een modelaanvraag aan alle wettelijke vereisten voldoet, die hierna zijn beschreven. Je krijgt dus sowieso een modelregistratie als je de verplichte registratiekosten maar betaalt en aan bepaalde formaliteiten voldoet.

Maar dat betekent niet dat die registratie iets waard is. Om een geldig modelrecht te krijgen, moet het model wel aan bepaalde eisen voldoen. Als een concurrent vindt dat een modelregistratie niet aan die vereisten voldoet, kan de nietigheid van het model worden ingeroepen en verwijdert het bureau het model uit het modellenregister. Bij EU-modellen kan zo’n verzoek worden ingediend bij het EUIPO (en soms in een al lopende zaak bij de rechter), bij Beneluxmodellen vooralsnog alleen bij de rechter.

Design kan als model worden beschermd als het nieuw is en een eigen karakter heeft. Dat klinkt simpel, maar is het in de praktijk niet altijd.

Nieuwheid

Nieuw wil zeggen dat er geen identiek model voor het publiek beschikbaar is gesteld vóórdat het modelaanvraag wordt ingediend. ‘Identiek’ betekent dat er hooguit verschillen zijn op onbelangrijk detailniveau. Niet helemaal identiek is in het modellenrecht dus toch identiek.

Het is voor de nieuwheid belangrijk ervoor te zorgen dat je je design zo snel mogelijk na het ontwerpen aanvraagt als model. Daar heb je een jaar de tijd voor: binnen een jaar nadat een ontwerp openbaar is gemaakt, moet je de modelaanvraag indienen. Anders is het niet nieuw meer en kan de nietigheid worden ingeroepen.

Dat was bijvoorbeeld het geval bij deze wc-bril:

Dat is anders bij octrooien (in het dagelijkse taalgebruik beter bekend als ‘patenten’). Daar geldt een absolute nieuwheid: de uitvinding moet geheim blijven tot het moment van de octrooiaanvraag. Elke openbaarmaking schaadt de nieuwheid zodat dan geen aanspraak meer kan worden gedaan op een geldig octrooirecht.

Eigen karakter

Behalve dat een model nieuw moet zijn, moet het ook een eigen karakter hebben. Dat betekent dat de algemene indruk van het model volgens de ‘geïnformeerde gebruiker’ verschilt van de algemene indruk van andere, oudere modellen. De geïnformeerde gebruiker is in het hierna genoemde waterballonnenvoorbeeld degene die weet wat voor waterballonnen er op de markt zijn en welke vorm/uiterlijk die ballonnen hebben en moeten hebben om een goede, bruikbare waterballon te zijn.

Wat kan geen model zijn?

Soms is een ontwerp nieuw en heeft het een eigen karakter, maar is het toch geen geldig model. Er zijn namelijk verschillende uitzonderingen die gelden in het modellenrecht op basis waarvan je geen geldig modelrecht krijgt, zoals:

  1. Technische functie

    Als een product uitsluitend op een bepaalde manier is vormgegeven omdat dat de functionaliteit ten goede komt, kan de fabrikant geen modelbescherming claimen. Bij modelbescherming gaat het immers om het uiterlijk van een product.
    Voorbeeld: Voor de Bunch O Balloons waterballonnen (links) is een EU-modelregistratie verkregen. Daarmee wordt geprobeerd de waterballonnen van Toi-Toys (rechts) van de markt te krijgen. Maar de geldigheid van de modelregistratie wordt door Toi-Toys betwist. Terecht.
    De rechter oordeelt dat de vormgeving geheel functioneel is. Door middel van een bundel rietjes die aan een koppelstuk bevestigd zijn, zodanig dat dit koppelstuk kan worden aangesloten op een kraan, is het mogelijk meerdere waterballonnen in één keer te vullen met water. Nadat de ballonnen gevuld zijn, sluiten ze automatisch door middel van de elastiekjes indien deze van de rietjes worden afgeschoven. Functioneel dus. Het EU-modelrecht op de Bunch O Balloons is daarmee niet geldig en Toi-Toys mag de Water Bombs gewoon op de markt brengen.Ook deze hoezen voor e-bikes zijn uitsluitend functioneel zodat het geregistreerde EU-model nietig is verklaard:

  2. Inbreuk op een ander IE-recht

    Een model dat inbreuk maakt op een ouder merk, auteursrechten of een eerder model, is niet geldig. Van inbreuk op een ouder merk zal in de praktijk bijvoorbeeld (en met name) sprake zijn bij logo’s die als model worden geregistreerd. Het is mogelijk voorafgaand aan een modelaanvraag het merkenregister te checken op gelijke(nde) merken die al bestaan en die mogelijk een bezwaar kunnen vormen voor een modelaanvraag. Inbreuk op eerdere auteursrechten komt in de praktijk vaker voor, omdat het auteursrecht in beginsel hetzelfde beschermt: het uiterlijk van een product of een logo. Of er oudere auteursrechten bestaan, is niet na te gaan. Er is namelijk geen register waar auteursrechten ingeschreven staan. Je wordt dus vaak pas met oudere auteursrechten geconfronteerd op het moment dat een partij bezwaar maakt tegen de registratie van je design als model.

  3. Kenmerkende eigenschappen

    Uit de modelregistratie moet duidelijk blijken waar nu eigenlijk bescherming voor wordt geclaimd. Als dat niet duidelijk is, krijg je ook geen geldig modelrecht. Van groot belang is dus dat de aanvraag op de juiste manier wordt ingediend, met goede kwaliteit foto’s/afbeeldingen. Raadzaam is om een modelaanvraag niet zelf in te dienen, maar dat te laten doen door een specialist: een van de juristen bij een merken- en modellenbureau. Die weten precies welke eisen er bijvoorbeeld worden gesteld aan het beeldmateriaal, hoeveel afbeeldingen er mogen worden toegevoegd et cetera.

Zo werkt de modelregistratieprocedure

Een EU-model aanvragen kan online via het EUIPO. De registratieprocedure is uitsluitend administratief en daardoor snel. Korte tijd nadat de modelaanvraag is ingediend, wordt het gepubliceerd en geregistreerd. Bedrijven kunnen de aavraag zelf indienen.

Maar aan te raden is dit niet. Omdat het EUIPO (net als het BBIE) niet checkt of een modelaanvraag voldoet aan de wettelijke eisen (nieuwheid, eigen karakter) en of bijvoorbeeld de afbeeldingen/foto’s waarop het model is afgebeeld wel van goede kwaliteit zijn, is de kans vrij groot dat een modelregistratie uiteindelijk niet de gewenste bescherming oplevert.

In de praktijk gebeurt dat regelmatig. Dat kun je als bedrijf voorkomen door een specialist in te schakelen die de aanvraag verzorgt. Op deze website staat een overzicht van alle erkende Benelux merken- en modellengemachtigden. Zij weten precies wat de vereisten zijn voor een goede modelaanvraag zodat je uiteindelijk een modelregistratie verkrijgt waar je ook echt wat aan hebt.

Meer weten over de bescherming van design/vormgeving als model en de registratieprocedure? Download het eBook ‘IE in Bedrijf – Vormgeving’ via www.ie-inbedrijf.nl of bestel de hard cover via Bol.com.

Marjolein Driessen

Over de auteur

Marjolein Driessen is advocaat en partner van Legaltree en specialist op het gebied van het intellectuele eigendomsrecht (IE) en reclame. Marjolein adviseert to the point en procedeert over allerlei IE-rechtelijke kwesties en reclamezaken, zowel in gerechtelijke procedures als bij de Reclame Code Commissie. Daarnaast geeft Marjolein regelmatig les op het gebied van IE en reclame en is zij redactielid van het BMM Bulletin, het tijdschrift van de Beneluxvereniging voor Merken- en Modellenrecht.