Orde van Advocaten Desinformeert Haar Achterban Over Provisieverbod

Door Jan-Hein Strop
londen

De Orde van Advocaten heeft haar standpunt over het provisieverbod nader toegelicht. Dat verbod zou voor alle advocaten in Europa gelden. Maar dat is niet waar: in Groot-Brittannië is fee sharing met derden wél toegestaan.      

De mededeling van de Orde van Advocaten dreunt nog na. Zij dreigt met tuchtrechtelijke maatregelen als advocaten websites betalen voor leads (mogelijke opdrachten die via de website zijn gegenereerd). Zelfs de Volkskrant pikte het op.

Vanwege de weigering om het verbod toe te lichten, vragen veel advocaten zich af wat het provisieverbod precies inhoudt, en waarom hun onafhankelijkheid in het geding komt bij deelname aan zulke websites.

Met de FAQ Gedragsregel 2 lid 2 tracht de Orde deze week meer helderheid te verschaffen:

Het aantal websites neemt gestaag toe, daarom een mededeling dat een advocaat geen beloning mag krijgen of geven voor een opdracht. Dit geldt voor alle advocaten in Europa.”

Welnu, dit geldt niet voor alle advocaten in Europa. In Groot-Brittannië is fee sharing met derden die nieuwe klanten introduceren, toegestaan, mits aan een aantal voorwaarden is voldaan. Zo moet er transparantie zijn over de betaling en moeten cliënten volledige keuzevrijheid hebben.

Wie het niet gelooft, lees het hier na.

Aantrekkelijk voor advocaten

De Britse startup Lexoo – opgericht door de Nederlander Daniel van Binsbergen (ex-De Brauw) – maakt gebruik van deze mogelijkheid. Ondernemers leggen via de website een verzoek neer waarop advocaten kosteloos kunnen reageren. Als partijen een match hebben gemaakt, betalen de advocaten een klein deel van hun honorarium aan Lexoo, zo heeft Van Binsbergen mij uitgelegd.

Waarom is dit model zo aantrekkelijk, zowel voor cliënten als advocaten? Omdat het advocaten stimuleert snel op verzoeken te reageren, waarmee zij openheid geven over prijs en kwaliteit. En Lexoo heeft een prikkel te zorgen voor een goede service (en goede advocaten), omdat anders geen match tot stand komt. Als je dat anders inricht – bijvoorbeeld met een abonnement – krijgt het platform vooral de prikkel te sturen op zoveel mogelijk advocaten, in plaats van op kwaliteit.

Pas als cliënt en advocaat een overeenkomst aangaan, is er bij Lexoo sprake van een betaling. De onafhankelijkheid en het professionele oordeel van de advocaat kan dus niet door een betaling beïnvloed worden. Mocht de advocaat er geen zaak inzien, dan kan die zonder kosten besluiten de cliënt niet aan te nemen.

Europese Gedragsregels

De Nederlandse gedragsregels zijn net als de Britse geënt op de Europese gedragsregels van de CCBE (The Council of Bars and Law Societies of Europe). Met deze regels zegt de Orde aansluiting te willen zoeken.

Hoewel deze regels fee sharing in beginsel uitsluiten, is er voor aangesloten landen ruimte om afwijkende regels te maken. Art. 3.6.1: “A lawyer may not share his or her fees with a person who is not a lawyer except where an association between the lawyer and the other person is permitted by the laws and the professional rules to which the lawyer is subject.

Kortom, het Nederlandse, ongeclausuleerde provisieverbod kan zo overboord.

Wat is onafhankelijkheid?

Vraag is bovendien of de Nederlandse interpretatie van de kernwaarde “onafhankelijkheid” wel juist is. Wie zich in het Europese en Britse stelsel verdiept, constateert dat de regels omtrent provisie in de eerste plaats de keuzevrijheid van de cliënt beogen te beschermen.

Zo staat er in de toelichting op het verbod op betalen van referral fees (art 5.4): “This provision reflects the principle that a lawyer should not pay or receive payment purely for the reference of a client, which would risk impairing the client’s free choice of lawyer or the client’s interest in being referred to the best available service. It does not prevent fee-sharing arrangements between lawyers on a proper basis.”

Nergens staat dat de onafhankelijkheid van advocaten in gevaar komt als zij in een bepaalde mate afhankelijk worden van derden. Of dat die mogelijke afhankelijkheid onwenselijk is.

Maar dat lijkt de Orde wel te suggereren in de FAQ:

Door de betaalrelatie loop je het risico verbonden te worden aan degene die de lead geeft. Dat kan je onafhankelijkheid aantasten

Dat is wel erg ruim geformuleerd. Als dit werkelijk het probleem is, dan moet je advocaten ook verbieden te betalen voor lidmaatschap van netwerken waaruit zij allerlei zaken binnenkrijgen. Of je moet ze verbieden te adverteren op Google, want je zou zomaar “afhankelijk” kunnen worden van alle leads die dat oplevert.

>> Lees hier meer over misbruik van het argument “onafhankelijkheid“.

Dus ook met deze FAQ blijft de achtergrond en handhaving van het provisieverbod onduidelijk. Dat is killing voor innovatie in deze markt, waarin advocaten graag een deel van hun (on line) business development uitbesteden aan derden.

Onafhankelijkheid gegarandeerd

Platforms als Lexoo en LegalDutch helpen advocaten aan interessante nieuwe klanten, zonder dat de onafhankelijkheid in gevaar komt. Sterker nog, zij versterken juist de onafhankelijkheid van de advocaat door hen de vrijheid te geven te reageren op potentiële zaken die daadwerkelijk aansluiten bij kennis en ervaring. Betaling vindt immers pas achteraf plaats.

Gelukkig laat de Orde ruimte voor bezinning en schrijft:

Als er een wens is om dat verbod te herroepen of anders te verwoorden is een bredere discussie onder advocaten nodig. Dat kan bijvoorbeeld via het Innovatieplatform van de NOvA of via de commissie herziening gedragsregels die binnenkort start.”

Het woord is aan u.

Jan-Hein Strop

Over de auteur

Ik ben oprichter van LegalDutch, een vernieuwend marketingplatform voor advocaten. Met mijn ervaring als journalist (ex-FD) en juridische achtergrond help ik advocaten nieuwe klanten te bereiken met content marketing: effectief geschreven blogs die de doelgroep raken en scoren in Google. Ik geef workshops, breng advocaten in het nieuws en denk mee bij contentcreatie. Email: janhein@legaldutch.nl.